05 feb Aus Greidanus: ‘Kerk en theater stellen dezelfde vragen’

‘Het wezen van de natuur is net zo ondoorgrondelijk als God. Maar vooral heeft God met creativiteit en inspiratie te maken.’ Acteur en regisseur Aus Greidanus sr. verzorgt in de Kloosterkerk in Den Haag vier avonden over theologie en theater.

‘Het liefst zou ik theologie gaan studeren’, zegt Aus Greidanus sr. plotseling. Hoewel hij zichzelf niet gelovig noemt, houdt de relatie tussen mensen en goden hem bezig. Met een verwaaide bos haar – hij kwam net aangefietst – zit hij aan de kop van een houten tafel in de sociëteit van Pulchri Studio, aan het Lange Voorhout. Aan de overkant van de straat, in de Kloosterkerk, hield hij vorig jaar de Preek van de Leek, waarin hij een brug sloeg tussen teksten van Shakespeare en Genesis.

‘Ik wilde aantonen dat die werelden van theater en religie op veel terreinen met elkaar te maken hebben’, zegt Greidanus, die vaak in één adem genoemd wordt met Toneelgroep De Appel. Hij was er veertig jaar aan verbonden. Eerst als acteur, later als regisseur en artistiek leider. Nu is hij ‘zogenaamd met pensioen’, zoals hij het zelf zegt.

Goden en mensen
Toen Greidanus gevraagd werd zich te verdiepen in de werelden van kerk en toneel, stemde hij in. In januari begon een serie over theologie en theater, in februari, oktober en november volgen de andere delen. In ieder deel behandelt hij een toneelschrijver of periodes uit de toneelliteratuur waarin de verhouding tot God, het goed en het kwaad of een godsbeeld centraal staat. Vervolgens bespreekt een van de predikanten van de Kloosterkerk hoe dat thema in de Bijbel terugkomt.

‘Ik denk dat er geen verhalenbundel als de Bijbel is waardoor onze westerse maatschappij zo is beïnvloed’, zegt Greidanus. ‘Er zijn zoveel voorbeelden van die inspiratie in de toneelliteratuur. Kijk naar de stukken van Molière, Vondel, Stringberg en Brecht.’ Greidanus vertelt over De goede mens van Sezuan van Brecht, dat gaat over de goden die naar de aarde komen om eens te kijken hoe het er hier aan toegaat.

‘Het toneel is geboren uit religie, maar die twee hebben altijd een haat-liefdeverhouding met elkaar gehad. Theater heeft zich bijvoorbeeld altijd kritisch uitgelaten over onderdelen van kerk en religie. Niet zo vreemd. Neem de Sint Pieter in Rome, ik ben benieuwd wat Jezus zou doen als hij nog eens terug zal komen. Is dat nu wat hij bedoeld heeft? Ik denk dat hij verbijsterd zou zijn en onmiddellijk die hele Sint Pieter omver zou halen.’

Wat theater en kerk gemeen hebben, zegt Greidanus, is dat ze op een fundamenteel niveau dezelfde vragen proberen te beantwoorden. Hoe moet ik leven? Wat is de zin van het leven? De vraag of God wel of niet bestaat, vindt hij niet zo interessant. In plaats daarvan duikt hij liever in de verschillen tussen goden en mensen, de dialoog en de gedaanteverwisselingen tussen die twee. De God die mens wordt, en de mens die God wordt, dat interesseert hem.

Herakles
Het eerste deel van de lezingen in de Kloosterkerk gaat over Herakles en de mens als God. Greidanus vergelijkt de verhalen van Jezus en Herakles met elkaar. Herakles was in de Griekse mythologie de zoon van de god Zeus en de sterfelijke vrouw Alkmene. Hij moet de mensheid redden van giganten, die de godenwereld willen aanvallen. Herakles wil dat wel doen, maar alleen als Prometheus verlost wordt van zijn straf. ‘Ik zie Jezus ten opzichte van God, en Herakles ten opzicht van Zeus. Het is zo wonderlijk hoe die verhalen zoveel op elkaar lijken, maar ook anders zijn’, zegt Greidanus, die in 2012 nog een theatermarathon over Herakles maakte.

Hoewel hij zichzelf ‘absoluut niet meer gelovig’ noemt, is hij ervan overtuigd dat ieder mens een godsbeeld nodig heeft, ‘om zich te spiegelen’. Als hij zijn godsbeeld zou moeten omschrijven vertelt hij dat hij in theorie met Spinoza kan meegaan, die God gelijk stelde aan de natuur. ‘Het wezen van de natuur is net zo ondoorgrondelijk als God. Ga maar eens een mier ontleden. Die is van zo’n verbijsterende schoonheid en complexiteit.’

Toch zegt zijn gevoel dat God meer met ‘creativiteit en inspiratie’ te maken heeft. ‘In de natuur kom je die niet tegen. Vanuit niets iets scheppen, creëren, leven inblazen. Dat is een bron, waarvan ik denk dat die met het goddelijke te maken heeft.’

Tags:
,