02 jul GELOVEN IN GROEN

In Den Haag, de meest gesegregeerde stad van Nederland werken moskeeën, tempels en kerken samen aan het verduurzamen van hun gebedshuizen. Religieuze verschillen of niet, als het om de energierekening of de tuin gaat, lopen ze allemaal tegen dezelfde uitdagingen aan. “We geloven dan misschien niet hetzelfde, we leven toch allemaal in dezelfde wereld.”

Wie door het tuinhek van de Haagse hindoetempel Sewa Dhaam loopt, passeert twee beelden van olifanten. Het voelt als een feestelijk welkom, ze steken hun slurf in de lucht. Rechts voor de ingang van de tempel zit olifantengod Ganesha op een troon, aan zijn voeten een muis. Het is een snikhete dag, maar de bomen op het plein geven wat verkoeling. Overal rondom de tempel zijn gele afrikaantjes tot bloei gekomen. De rijkdom van de natuur is hier uitbundig aanwezig. Voorganger pandit Surindre Tewarie komt net aangelopen.

“Je kan duurzaamheid niet los zien van het hindoeïsme”, vertelt de pandit terwijl hij rondleidt door het hindoecentrum. Hij noemt begrippen als karma en prakriti. Karma gaat over de toekomst van onze kinderen, zegt Tewarie: “Wat je zaait, zul je oogsten.” Het begrip prakriti betekent: “We zijn allemaal onderdeel van de natuur: daar moet je dus aandacht aan schenken.” Bovendien, redeneert de pandit, mediteren hindoes veel. Voor mediteren heb je schone lucht nodig. Dat we die lucht gratis hebben gekregen betekent niet dat we er geen aandacht aan hoeven te schenken. Mede daarom hebben we als bestuur van deze tempel nu gezegd: we moeten onze CO₂-uitstoot verminderen.”

Dat is makkelijker gezegd dan gedaan. De grootste hindoetempel van Nederland zetelt in een scholencomplex uit 1923. Het pand in de wijk Laakkwartier onderging de afgelopen jaren een heuse transformatie van een rechthoekig onderwijspand tot een weelderige tempel met 11 koepels ontworpen volgens traditionele Indiase architectuur. Maar de houten kozijnen, het enkel glas, de verouderde lichtinstallaties en het verwarmingssysteem bleven. Met als gevolg dat het gebedshuis een aantal “handicaps” heeft, zoals de pandit het noemt. “De isolatie is bijvoorbeeld slecht.” In de kamer voor vedische astrologie ruik je hoe vochtig dit pand is. In de ontmoetingsruimte zijn de ruitjes zo dun dat het hier in de winter ijskoud zal zijn. Er is werk aan de winkel. En juist daarom is de pandit blij met de nieuwe duurzaamheidskring van gebedshuizen in Den Haag. “Dit project motiveert ons om actie te ondernemen. Die kunststof kozijnen en het dubbel glas moeten er komen.”

Fotografie: Jurriaan Brobbel