24 jan ‘Ze bedenken altijd hoe het anders kan’

Tijdens een ochtend onderzoeken en ondernemen (O&O) op het Groene Lyceum van Lentiz Dalton in Naaldwijk halen leerlingen alles uit de kast.

‘Zullen we hier nog een raam in maken?’ Sander (13) draait zijn houten huis wat in het rond. Samen met Nout (12) werkt hij aan de maquette van een township, de jongens zijn druk in overleg. De contouren van hun krottenwijk worden al zichtbaar, maar er moet nog heel wat gebeuren, een tafel verderop zijn twee meiden al begonnen met de aanleg van waslijnen.

Het is donderdagochtend op het Lentiz Dalton in Naaldwijk, een ochtend waar de leerlingen van het Groene Lyceum zich op verheugen. Ze hebben dan vier uur het vak O&O – onderzoeken en ondernemen. In dit geval kregen de eersteklassers de opdracht: zorg dat je weet wat een township is, en neem materialen mee om er een te kunnen bouwen. Een programma van eisen hoort er ook bij, vertelt docent Nils Garama. Een van de huizen in het township moet bijvoorbeeld open en binnenin zichtbaar zijn. En dan zijn er bij iedere opdracht competenties die hij bij de leerlingen wil zien. In deze les draait het om onderzoeken, materialen en middelen inzetten, samenwerken en overleggen.

Zelfstandige kinderen
De eersteklassers zijn volop aan het werk, in het klaslokaal hangt een werksfeer. Er wordt gezaagd, geverfd, geplakt en gemeten. Leerlingen staan aan verhoogde werktafels bezaaid met papier, scharen, hout, zand en verf. ‘Townships heb je niet alleen in het buitenland hoor,’ vertelt een leerling die bezig is met het aanleggen van een moestuin. Ze bouwt samen met klasgenoten een sloppenwijk uit de jaren ’30, crisisjaren in Nederland.

Intussen staan de stanleymessen in de belangstelling. ‘Meneer, hij loopt met z’n mes te zwaaien!’, klinkt het al snel. Garama grijpt even in. Daarna loopt hij op een groepje af dat bezig is een zandweg aan te leggen. ‘Als we deze maquette verplaatsen, wat gebeurt er dan met dat zand? Juist, dus wat gaan jullie doen om dat te voorkomen?’ De leerlingen overleggen. Ze besluiten er een rand omheen te bouwen.

‘Het zijn zelfstandige kinderen, ze zijn gewend om veel zelf te doen,’ zegt Garama even later. ‘Ik probeer zoveel mogelijk vragen te stellen, in plaats van instrueren.’ Garama is van oorsprong wiskundedocent. En ook de wiskundeles maakt hij voor deze groep praktisch, door opdrachten bijvoorbeeld in de context van ondernemerschap te plaatsen. ‘Het kenmerkende aan deze leerlingen is dat ze intelligent zijn, maar liever op een praktische manier leren,’ zegt hij.

Foto: De Beeldredaktie